Architectenweb Podcast

← Architectenweb Podcast21. Okt. · 58 Min.

Gesprek met Brigitta van Weeren en Maikel van den Broeke over ontwerpen op doelsoorten in Merwede

In het ontwerp van het landschap van Merwede in Utrecht, wat de grootste autovrije buurt van Nederland wordt, is rekening gehouden met negen doelsoorten – van een vis tot aan verschillende vogels. Wat hebben deze dieren zoal nodig? En hoe is daar in het ontwerp van het landschap op ingespeeld? In gesprek met landschapsarchitect Brigitta van Weeren van LOLA Landscape Architects en ecoloog Maikel Aragon van den Broeke van TAUW.

In analogie met de bekende Big Five die toeristen graag in Afrika zien, werd in de plannen voor Merwede in eerste instantie gesproken over de Merwede Big Five, vijf doelsoorten. In de uitwerking van de plannen is dit verruimd tot negen doelsoorten: een vis: de bittervoorn – de egel – twee soorten insecten: de citroenvlinder en klokjesbij – drie soorten vogels: de huismus, de gierzwaluw en de tjiftjaf – en twee soorten vleermuizen: de gewone dwergvleermuis en de laatvlieger.

Om het ontwerpen op doelsoorten concreet te maken, zoomen we in deze podcast in op een aantal daarvan: de bittervoorn, de egel en de genoemde vogelsoorten. Wat voor omgeving vragen deze dieren? Dat schetst Maikel. En hoe is daar in het landschapsontwerp op ingespeeld? Daar gaat Brigitta vervolgens op in.

Het voorstel om een vis aan de doelsoorten toe te voegen, kwam van LOLA Landscape Architects. Zo kon namelijk de ambitie rond de waterkwaliteit in de buurt ook concreet gemaakt worden. De bittervoorn is dan een interessante doelsoort, want die legt zijn eieren in zoetwaterschelpen, en die komen alleen voor in schoon water.

In het landschapsontwerp wordt het waterleven ondersteund door flauwere oevers, waardoor daar een gradiënt van planten en dieren kan ontstaan. Maar specifiek voor de bittervoorn is ook een paaiplek ontworpen, die wat beschutter is gelegen. De kinderen in de buurt krijgen vervolgens op enige afstand daarvan een eigen waterspeelplaats.

Op een vergelijkbare manier worden in de podcast ook de leefomgevingen van de egel en de vogels besproken.

Onder het motto ‘groen, tenzij’ is het in Merwede gelukt om 55% van de ruimte tussen de bouwblokken onverhard te maken. Dat groen is de habitat van de negen doelsoorten, en vele andere dieren met hen. Maar het groen vervult nog veel meer functies. Zo wordt in de groenvakken regenwater opgevangen, zorgt het groen voor een vermindering van hittestress, zuivert het de lucht, zorgt het voor schaduw in de openbare ruimte en biedt het een uiterst waardevolle beleving voor de bewoners van de buurt.

Om al die ambities